|
Over de dood . nl |
|
de site die de dood bespreekbaar maakt |

|
Oefening 1 Maak een verbinding met de ander. Of iemand bij je is of niet (meer), je kunt je verbinden met de ander. Neem eerst alle tijd om je te concentreren op de ander. Denk met een fijn gevoel aan wat je samen met de ander hebt (gehad). Stuur dan alle liefde die je voor de ander voelt naar hem/haar toe. (Als dit je te moeilijk lijkt, blijf dan aan de ander denken, waarbij je steeds een fijne situatie in gedachten neemt.) Voel, door de gedachten, dat je dicht bij de ander bent. |
|
Oefening 2 Herstel, heel of vergeef je relatie. Op ieder moment kun je zelf ervoor kiezen om de relatie die je hebt (gehad) te herstellen, te helen of te vergeven. Je kiest er zelf voor, daar heb je de ander niet voor nodig. Realiseer je dat iedere relatie ups en downs kent. Begin met het in gedachten nemen van leuke dingen die jullie samen doen/deden. Wat kun jij veranderen in je kijk naar de ander? Wees eerlijk. Vind je het de ander waard om iets voor de ander te veranderen? Heb je een vraag voor de ander? Zoek dan in jezelf naar je antwoord. Wees tevreden met je eigen antwoord van dit moment. Dit is het antwoord dat je krijgt. Als je zelf iets hebt veranderd in je relatie, verandert de ander mee. |
|
Oefening 3 Doe iets met je gevoelens. Machteloosheid vraagt om daadkracht. Ga iets doen waardoor je de situatie kunt veranderen. Accepteren van een situatie is een goed begin. Vraag de ander wat je kunt doen. Kun je het niet vragen: bedenk wat je zelf graag zou willen als jij in deze positie zou zijn. En ga daarmee aan de slag. Boosheid blijft in je lichaam zitten totdat je het eruit laat komen. Geef je boosheid de ruimte. Zoek een plek waar je veilig bent en waar je niemand kunt verwonden. Ga bijvoorbeeld op je bed zitten en stel je voor dat je kussen het onderwerp is van je boosheid. Sla nu met al je kracht op het kussen. Net zo lang als je nodig hebt. Schreeuw erbij als dat extra oplucht. Schuldgevoelens maak je helemaal zelf. Je verwijt jezelf dat je iets wel of niet gedaan hebt. Aan die situatie kun je nu niets meer veranderen. Wat je wel kunt veranderen is je visie op het schuldgevoel. Vergeef jezelf, ook als je iets ergs gedaan hebt, kun je jezelf vergeven. Dat doe je helemaal zelf. Je hebt namelijk iets geleerd van dat wat je wel of niet gedaan hebt. De volgende keer zou je het heel anders doen. Kijk nu vooruit en stel je voor dat je in dezelfde situatie zou komen. Hoe pak je het dan aan? Wees eerlijk tegen jezelf. En begrijp dat je dit nodig hebt gehad om ervan te kunnen leren. |